Naar inhoud
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

Melden bijwerkingen geneesmiddelen bij ouderen in verpleeghuizen : Mogelijkheden en beperkingen | RIVM

Jaar: 2018 Documenten: 1
Specialisten in ouderengeneeskunde vinden het belangrijk dat kennis wordt verzameld over bijwerkingen van medicijnen bij ouderen. Deze kennis kan worden gebruikt om deze kwetsbare groep mensen optimaal te behandelen, en daarmee de kwaliteit van hun leven te verbeteren. Bij het Bijwerkingencentrum Lareb worden echter maar weinig bijwerkingen door het gebruik van medicijnen bij ouderen gemeld. Hierdoor blijft de kennis over bijwerkingen bij ouderen beperkt. Dit blijkt uit onderzoek van het RIVM en het Bijwerkingencentrum Lareb. Ruim een miljoen mensen van 65 jaar of ouder gebruikt vijf of meer medicijnen, ook wel polyfarmacie genoemd. Als mensen ouder worden, treden allerlei veranderingen op in het lichaam die invloed kunnen hebben op de werking en bijwerkingen van medicijnen. De combinatie van lichamelijke veranderingen en polyfarmacie leidt mogelijk tot andere bijwerkingen bij ouderen. Voordat medicijnen op de markt mogen worden gebracht, worden ze uitgebreid onderzocht op werking en bijwerkingen. Dit wordt vaak bij relatief jonge en gezonde volwassenen onderzocht, en in veel mindere mate met oudere personen. Na de markttoelating worden bijwerkingen maar in zeer beperkte mate gemeld door bewoners van verpleeghuizen en hun zorgverleners. Het RIVM en Bijwerkingencentrum Lareb ontwikkelden en testten een methode om bijwerkingen bij ouderen in het verpleeghuis systematisch in kaart te brengen. Het aantal verpleeghuizen en specialisten in ouderengeneeskunde dat meedeed was echter te laag om een uitspraak te kunnen doen over de haalbaarheid van de methode. Wel werd duidelijk dat het melden van bijwerkingen bij verpleeghuisbewoners gestimuleerd moet worden. Dat kan bijvoorbeeld door het bewustzijn hierover te vergroten en het melden beter in te passen in het werkproces van de zorgverleners in verpleeghuizen.