Naar inhoud
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

Stralingsniveaumetingen aan het terrein van de EPZ kerncentrale te Borssele in 2016 | RIVM

Jaar: 2018 Documenten: 1
Het gammastralingsniveau aan de terreingrens van de kerncentrale in Borssele lag in 2016 onder het toegestane maximum. Dit blijkt uit controlemetingen van het RIVM. Het RIVM rapporteert jaarlijks in opdracht van de Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming (ANVS) of de kerncentrale aan de vergunningseis voldoet. Volgens de revisie van de kernenergiewetvergunning van 2016 moet de kerncentrale ervoor zorgen dat personen buiten de terreingrens een stralingsdosis ontvangen van hoogstens 10 microsievert per jaar. Om dit te controleren wordt op minimaal vier punten op de terreingrens het gammastralingsniveau gemeten. Dit gebeurt met het door het RIVM beheerde MONET-meetnet. Van de meting wordt vervolgens de natuurlijke achtergrondwaarde afgetrokken. Om het resultaat te vergelijken met het toegestane niveau, wordt de zogeheten Actuele Blootstelling Correctiefactor (ABC-factor) toegepast. ABC-factoren hangen samen met de bestemming van het gebied waar de effectieve stralingsdosis kan worden opgelopen. Rond het terrein van de kerncentrale in Borssele geldt voor de kerncentrale een ABC-factor van 0,2. In dit rapport zijn de daggemiddelden van de metingen van de MONET-monitoren rond de kerncentrale in 2016 weergegeven. Ook wordt uitgelegd hoe voor elk meetpunt de natuurlijke achtergrondwaarde is bepaald. In 2016 was de hoogste waarde van de stralingsdosis op de vier locaties waar continu metingen zijn verricht, na aftrek van de natuurlijke achtergrond, 5,7 microsievert per jaar. Na de toepassing van de ABC-factor is de berekende maximale effectieve dosis 1,1 microsievert per jaar. Deze dosis is lager dan de vergunde maximale stralingsdosis van 10 microsievert per jaar.