Naar inhoud
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

Onderzoek naar chroom-6 bij NS/NedTrain in de periode 1970 t/m 2020. Manier van werken, omgang met voorschriften, blootstelling en gezondheidsrisico’s. Samenvatting van de deelonderzoeken | RIVM

Jaar: 2022 Documenten: 1
In oude verflagen van sommige treinen zit de schadelijke stof chroom-6. Tijdens onderhoud en reparatie van treinen, kunnen (oud-)medewerkers van NS Nederlandse Spoorwegen (Nederlandse Spoorwegen) /NedTrain in contact zijn gekomen met chroom-6. Hierdoor kunnen zij een grotere kans hebben om bepaalde aandoeningen te krijgen. Het gaat om onder meer een aantal soorten kanker, allergische aandoeningen, chronische longziekten en perforatie van het neustussenschot. Het is niet te zeggen hoeveel groter deze kans is, omdat niet bekend is hoe hoog de blootstelling aan chroom-6 is geweest. Daarbij komt dat de kans op deze aandoeningen niet alleen afhangt van blootstelling aan chroom-6, maar ook van andere oorzaken. NS/NedTrain heeft lange tijd niet voldaan aan de regelgeving die gold om medewerkers tegen chroom-6 te beschermen. Dit blijkt uit onderzoek van het RIVM naar blootstelling aan chroom-6 tijdens werkzaamheden bij NS/NedTrain. Die is voor de periode van 1970 tot en met 2020 onderzocht. De hoogte van de blootstelling aan chroom-6 is niet bekend, omdat NS/NedTrain over het grootste deel van de onderzochte periode geen meetgegevens heeft. Wel is het duidelijk dat de mate waarin mensen aan chroom-6 blootstonden, sterk verschilde tussen en binnen functies, tussen verschillende locaties van NS/NedTrain en door de jaren heen. Daarom is onderzocht hoe waarschijnlijk het is dat (oud-)medewerkers in deze verschillende situaties aan chroom-6 hebben blootgestaan. Het onderzoek laat zien dat (oud-)medewerkers vooral in contact kwamen met chroom-6 doordat ze stof inademden dat vrijkwam als ze aan oude verflagen werkten, zoals tijdens het schuren en lassen. Deze blootstelling was hoger dan bij het aanbrengen van nieuwe verflagen met chroom-6. Verder blijkt dat NS/NedTrain in theorie het voornemen had om de zorgplicht voor werknemers goed in te vullen, maar dat in de praktijk niet goed uitvoerde. Slechts weinig leidinggevenden en anderen die verantwoordelijk waren voor veilig en gezond werken, waren bekend met de risico’s van chroom-6. Daardoor waren (oud-)medewerkers dat ook niet. Voor zover risico’s bekend waren, zijn ze vooral gekoppeld aan werkzaamheden waarbij nieuwe verflagen met chroom-6 werden aangebracht. Veel minder was bekend over de risico’s van activiteiten met chroom-6-houdende verflagen die al op de treinen zaten. Er zijn weinig maatregelen getroffen om blootstelling te verminderen, zoals via afzuiginstallaties. Ook is er niet consequent op toegezien dat medewerkers persoonlijke ademhalingsbescherming droegen, zoals stofmaskers. Zij zijn niet genoeg voorgelicht over de gevaren van chroom-6 en zijn niet regelmatig medisch onderzocht op de (gevolgen van) blootstelling aan chroom-6. In de loop van de onderzochte periode kwam hiervoor meer aandacht, mede doordat NS/NedTrain kwaliteitssystemen inzette voor veilig en gezond werken. Deze conclusies worden in drie aparte deelrapporten verder uitgelegd en onderbouwd. Dit rapport is een samenvatting van alle deelrapporten en geeft de eindconclusies.