Naar inhoud
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

CPE afvalwatersurveillance bij een vleeskuikenslachterij | RIVM

Jaar: 2024 Documenten: 1
Het RIVM heeft bij een slachterij van vleeskuikens onderzocht of er CPE Carbapenemase-producerende enterobacterales (Carbapenemase-producerende enterobacterales ) (carbapenemase-producerende Enterobacterales) in het afvalwater zaten. Dit zijn bijzonder resistente bacteriën waartegen nog maar weinig soorten antibiotica werken. In het afvalwater zijn geen CPE gevonden. Dit betekent dat CPE niet bij de geslachte vleeskuikens voorkomen. Deze resultaten zijn hetzelfde als de reguliere monitoring van CPE laat zien. Deze monitor onderzoekt darmmateriaal van vleeskuikens bij verschillende slachterijen. Op basis van de resultaten van de twee monitors concludeert het RIVM dat CPE niet bij Nederlandse vleeskuikens voorkomen, of maar heel weinig. Via afvalwater kan van veel meer dieren tegelijk worden achterhaald of ze schadelijke bacteriën bij zich dragen. De reguliere monitoring van vleeskuikens onderzoekt dat bij individuele dieren van meer verschillende bedrijven. Het precieze voordeel van beide vormen is nu nog onduidelijk. Voor dit onderzoek is het afvalwater van een slachterij tussen 6 september 2022 en 1 februari 2023 onderzocht op CPE. Dat gebeurde op 33 dagen, verspreid over 20 weken. Tijdens de metingen zijn in totaal 150.000 á 170.000 vleeskuikens geslacht van 103 verschillende bedrijven, waarvan ongeveer de helft Nederlands. In de gewone monitor worden voor vleeskuikens elk jaar darmmateriaal van 3000 dieren van ongeveer 300 verschillende Nederlandse bedrijven onderzocht.