Naar inhoud
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

Veilige recreatie op stortplaats Nauerna. Locatiespecifieke risicobeoordeling | RIVM

Jaar: 2024 Documenten: 1
Op de stortplaats Nauerna in Noord-Holland willen gemeente en provincie een park aanleggen om mensen te laten recreëren. De stortplaats is daarom voor een deel afgedekt met grond. Het andere deel wordt nog afgedekt. Het RIVM heeft een methode ontwikkeld waarmee kan worden beoordeeld of recreatie op stortplaatsen veilig is. Het RIVM heeft die methode gebruikt om te beoordelen of stortplaats Nauerna veilig is voor recreatie. Dat blijkt niet het geval te zijn. De beoordeling is nog niet definitief, omdat de stortplaats nog niet helemaal is afgedekt. Het plan is om op de hele stortplaats alleen een grondlaag aan te leggen, zonder waterdichte laag. Deze afdekking kan veilig zijn voor recreatie, maar moet wel worden gecontroleerd. Normaal gesproken wordt in de afdekking van de stortplaats een waterdichte laag gemaakt die ook gassen tegenhoudt. Dat voorkomt dat recreanten in contact komen met water dat in aanraking is geweest met het afval (percolaat) of met de gassen die uit het afval kunnen vrijkomen (stortgassen). Er is nu geen waterdichte laag aangelegd om duurzaam stortbeheer mogelijk te maken. Als het lukt om daarmee te voorkomen dat te veel schadelijke stoffen naar de bodem weglekken, is een dure waterdichte laag niet nodig. Dan hoeft deze laag ook niet na 50 tot 75 jaar te worden vervangen. Omdat het voorgestelde plan geen waterdichte afdeklaag heeft, is er een kans dat het giftige percolaat uit de grondlaag stroomt. Ook zijn op verschillende plekken te hoge concentraties methaan gemeten (hotspots). Verder zijn op enkele van deze plaatsen te hoge concentraties zwavelwaterstof en benzeen gemeten. Op weer andere plaatsen kan niet worden uitgesloten dat er stoffen worden uitgestoten. Het ontwerp van de afdekking moet worden aangepast om de locatie veilig te maken voor recreatie. Daarna moet met metingen worden aangetoond dat er geen onveilige hotspots zijn. Het RIVM biedt drie scenario’s aan die de stortplaats een kans geven om veilig te worden ingericht. De uitvoeringspartners (provincie, gemeente, bewoners en Afvalzorg) zijn verantwoordelijk voor de keuze hierover.