Naar inhoud
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

Aggregate exposure – exploring the use of an allocation factor in risk assessment | RIVM

Jaar: 2024 Documenten: 1
In het dagelijks leven komen mensen op verschillende manieren in contact met chemische stoffen. Deze stoffen zitten bijvoorbeeld in voedsel, water, cosmetica of andere consumentenproducten. Om ervoor te zorgen dat mensen ze veilig kunnen gebruiken, wordt bepaald hoeveel er van een stof in een product mag zitten. Alleen wordt daarbij niet gekeken of mensen ook via andere ‘bronnen’ aan de stof blootstaan. Van vitamine A bijvoorbeeld is bekend dat het in zowel cosmetica als voedsel en voedingssupplementen zit. Als voor de risicobeoordeling naar één productgroep wordt gekeken, wordt geen rekening gehouden met de totale blootstelling aan de stof. Het is dus belangrijk om in de risicobeoordeling de blootstelling via verschillende producten mee te nemen. Het RIVM heeft daarom verkend of dat met een zogeheten allocatiefactor kan. Een allocatiefactor verdeelt de totale hoeveelheid van een stof waar mensen veilig aan kunnen blootstaan onder in de maximale blootstelling per bron. Volgens de richtlijn van de WHO World Health Organization (World Health Organization ) mag 20 procent van de totale blootstelling aan een stof via drinkwater komen. De allocatiefactor voor drinkwater is dan 20 procent. Het RIVM heeft de verkenning uitgevoerd op de productgroep cosmetica. Onder cosmetica vallen veel verschillende verzorgingsproducten, zoals make-up, zonnebrand, tandpasta en deodorant. Deze verkenning is gedaan om op Europees niveau te bespreken of een allocatiefactor in de wetgeving voor cosmetica kan worden opgenomen. Het RIVM stelt twee mogelijkheden voor om een allocatiefactor voor een risicobeoordeling voor cosmetica te gebruiken, met hun voordelen en nadelen. Bij de eerste mogelijkheid wordt de allocatiefactor altijd gebruikt, tenzij kan worden aangetoond dat cosmetica de enige bron is. Voor de tweede optie wordt de allocatiefactor alleen gebruikt wanneer er bewijs is dat mensen ook via andere bronnen aan de stof blootstaan.