Adviezen Gezondheidsraad, 2007
Zoek binnen deze data in WooGLe
Kaoline; Health-based recommended occupational exposure limit
Kaoline is een klei-mineraal dat wordt gebruikt bij het maken van keramiek en vuurvaste materialen. Daarnaast wordt het toegepast als vulstof voor onder andere papier, lijm en verf, als coating voor hoogwaardig papier en als middel tegen diarree. Om werknemers die tijdens productieprocessen kaolinedeeltjes inademen zo goed mogelijk te beschermen tegen schadelijke gezondheidseffecten daarvan, is de Gezondheidsraad nagegaan bij welke blootstelling schade kan optreden.
Besluit: 2007-12-18
Advies
Documenten: 2
Wet bevolkingsonderzoek: prenatale screening op downsyndroom en neuralebuisdefecten
Dit advies betreft de afronding van een vergunningprocedure voor prenatale screening in het kader van de Wet op het bevolkingsonderzoek. Het gaat om acht op hoofdpunten gelijkluidende vergunningaanvragen, die zijn ingediend door de acht regionale centra voor prenatale screening. Een jaar geleden verleende de minister van VWS een voorlopige vergunning tot 1 januari 2008. Hieraan was de voorwaarde verbonden dat de vergunningaanvragen op een aantal punten aangevuld zouden worden. Dit is inmiddels gebeurd. De Commissie WBO beoordeelt de acht aangevulde aanvragen gezamenlijk in dit advies. De commissie stelt de minister voor de gevraagde vergunningen te verlenen, mits de aanvragers voldoen aan drie voorwaarden.
Besluit: 2007-12-17
Advies
Documenten: 2
Jaarbericht bevolkingsonderzoek 2007: zelftests op lichaamsmateriaal
De markt voor zogenoemde zelftests is volop in beweging. Er komen steeds meer producten en diensten waarmee mensen zelf bloed, urine, ontlasting of speeksel kunnen (laten) testen op de aanwezigheid van bepaalde stoffen. De claim is dat ze zo een ziekte of verhoogd risico op het spoor kunnen komen. Zelftests zouden zeer accuraat zijn en gezondheidswinst kunnen bieden. Soms is dit ook zo, maar meestal ontbreekt daarvoor een wetenschappelijke basis. Van veel tests is bijvoorbeeld niet te achterhalen hoe goed ze zijn in het opsporen van een bepaalde ziekte of aandoening, of is de kwaliteit in dat opzicht onvoldoende gebleken. In andere gevallen zijn de testprestaties wel goed, maar zegt de uitkomst nog weinig over of iemand nu wel of niet gezond is. En ook als er wel iets wordt opgespoord, zoals erfelijke aanleg voor een ziekte, levert dat niet noodzakelijk voordeel op voor de gezondheid. Er zitten dus veel haken en ogen aan zelf testen. De regelgeving is echter onvoldoende toegerust om burgers te beschermen tegen gezondheidsrisico’s van zelftests. Dat is de conclusie in het Jaarbericht Bevolkingsonderzoek 2007, waarin de Gezondheidsraad een flink aantal zelftests onder de loep neemt. Het Jaarbericht wordt vandaag aangeboden aan de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
Besluit: 2007-12-17
Advies
Documenten: 2
Broomdichloormethaan; Evaluation of the carcinogenicity and genotoxicity
Op verzoek van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid evalueert en beoordeelt de Gezondheidsraad de kankerverwekkende eigenschappen van stoffen waaraan mensen tijdens de beroepsmatige uitoefening kunnen worden blootgesteld. De evaluatie en beoordeling worden verricht door de subcommissie Classificatie van Carcinogene Stoffen van de Commissie Gezondheid en Beroepsmatige Blootstelling aan Stoffen van de Raad, hierna kortweg aangeduid als de commissie. In het voorliggende advies neemt de commissie broomdichloormethaan onder de loep. Broomdichloormethaan is een stof dat onder andere wordt gebruikt bij de synthese van organische stoffen.
Besluit: 2007-12-13
Advies
Documenten: 2
Beleid inzake Wet op bijzondere medische verrichtingen (WBMV)
De Gezondheidsraad heeft een reeds lange bemoeienis met de advisering omtrent het beleid inzake bijzondere, topklinische voorzieningen, eerst in het kader van art. 18 van de Wet ziekenhuisvoorzieningen, daarna op grond van de WBMV. De primaire invalshoek daarbij is de relatie met de stand van wetenschap: welke wetenschappelijke gegevens bestaan er over de werkzaamheid, de (kosten)effectiviteit en de veiligheid van een bijzondere verrichting?
Besluit: 2007-12-13
Advies
Documenten: 2
Chlorozotocine; Evaluation of the carcinogenicity and genotoxicity
Op verzoek van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid evalueert en beoordeelt de Gezondheidsraad de kankerverwekkende eigenschappen van stoffen waaraan mensen tijdens de beroepsmatige uitoefening kunnen worden blootgesteld. De evaluatie en beoordeling worden verricht door de subcommissie Classificatie van Carcinogene Stoffen van de Commissie Gezondheid en Beroepsmatige Blootstelling aan Stoffen van de Raad, hierna kortweg aangeduid als de commissie. In het voorliggende advies neemt de commissie chlorozotocine onder de loep. Chlorozotocine is een cytostaticum dat wordt gebruikt ter behandeling van kanker. Op basis van de beschikbare gegevens leidt de commissie af dat chlorozotocine beschouwd moet worden als kankerverwekkend voor de mens. Dit komt overeen met een classificatie in categorie 2 volgens de richtlijnen van de Europese Unie. De commissie concludeert verder dat chlorozotocine stochastisch genotoxisch is.
Besluit: 2007-12-12
Advies
Documenten: 2
Iodoform; Evaluation of the carcinogenicity and genotoxicity
Op verzoek van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid evalueert en beoordeelt de Gezondheidsraad de kankerverwekkende eigenschappen van stoffen waaraan mensen tijdens de beroepsmatige uitoefening kunnen worden blootgesteld. De evaluatie en beoordeling worden verricht door de subcommissie Classificatie van Carcinogene Stoffen van de Commissie Gezondheid en Beroepsmatige Blootstelling aan Stoffen van de Raad, hierna kortweg aangeduid als de commissie. In het voorliggende advies neemt de commissie iodoform onder de loep. Iodoform is een antiseptisch en desinfecterend middel. De commissie meent dat iodoform onvoldoende is onderzocht. Hoewel de gegevens het niet toelaten de stof te classificeren als kankerverwekkend voor de mens of als moet beschouwd worden als kankerverwekkend voor de mens, is de commissie van mening dat waakzaamheid geboden is. De commissie adviseert daarom iodoform te classificeren als verdacht kankerverwekkend voor de mens. Volgens de richtlijnen van de Europese Unie komt dit overeen met een classificatie in categorie 3. Binnen deze categorie komt de situatie het meest overeen met subcategorie b.
Besluit: 2007-12-12
Advies
Documenten: 2
Vincristinesulfaat; Evaluation of the carcinogenicity and genotoxicity
Op verzoek van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid evalueert en beoordeelt de Gezondheidsraad de kankerverwekkende eigenschappen van stoffen waaraan mensen tijdens de beroepsmatige uitoefening kunnen worden blootgesteld. De evaluatie en beoordeling worden verricht door de subcommissie Classificatie van Carcinogene Stoffen van de Commissie Gezondheid en Beroepsmatige Blootstelling aan Stoffen van de Raad, hierna kortweg aangeduid als de commissie. In het voorliggende advies neemt de commissie vincristinesulfaat onder de loep. Vincristinesulfaat is een cytostatisch geneesmiddel dat wordt gebruikt ter bestrijding van kanker. De commissie meent dat vincristinesulfaat onvoldoende is onderzocht. Hoewel de gegevens het niet toelaten de stof te classificeren als kankerverwekkend voor de mens of als moet beschouwd worden als kankerverwekkend voor de mens, is de commissie van mening dat waakzaamheid geboden is. De commissie adviseert daarom vinblastinesulfaat te classificeren als verdacht kankerverwekkend voor de mens. Volgens de richtlijnen van de Europese Unie komt dit overeen met een classificatie in categorie 3. Binnen deze categorie komt de situatie het meest overeen met subcategorie b.
Besluit: 2007-12-12
Advies
Documenten: 2
Cyclosporine; Evaluation of the carcinogenicity and genotoxicity
Op verzoek van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid evalueert en beoordeelt de Gezondheidsraad de kankerverwekkende eigenschappen van stoffen waaraan mensen tijdens de beroepsmatige uitoefening kunnen worden blootgesteld. De evaluatie en beoordeling worden verricht door de subcommissie Classificatie van Carcinogene Stoffen van de Commissie Gezondheid en Beroepsmatige Blootstelling aan Stoffen van de Raad, hierna kortweg aangeduid als de commissie. In het voorliggende advies neemt de commissie cyclosporine onder de loep. Cyclosporine verlaagt de immunologische afweer en wordt gebruikt als immunosuppressieve therapie voor onder andere patiënten die een orgaantransplantatie hebben ondergaan.
Besluit: 2007-12-12
Advies
Documenten: 2
Vinblastinesulfaat; Evaluation of the carcinogenicity and genotoxicity
Op verzoek van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid evalueert en beoordeelt de Gezondheidsraad de kankerverwekkende eigenschappen van stoffen waaraan mensen tijdens de beroepsmatige uitoefening kunnen worden blootgesteld. De evaluatie en beoordeling worden verricht door de subcommissie Classificatie van Carcinogene Stoffen van de Commissie Gezondheid en Beroepsmatige Blootstelling aan Stoffen van de Raad, hierna kortweg aangeduid als de commissie. In het voorliggende advies neemt de commissie vinblastinesulfaat onder de loep. Vinblastinesulfaat is een cytostatisch geneesmiddel dat wordt gebruikt ter bestrijding van kanker. De commissie meent dat vinblastinesulfaat onvoldoende is onderzocht. Hoewel de gegevens het niet toelaten de stof te classificeren als kankerverwekkend voor de mens of als moet beschouwd worden als kankerverwekkend voor de mens, is de commissie van mening dat waakzaamheid geboden is. De commissie adviseert daarom vinblastinesulfaat te classificeren als verdacht kankerverwekkend voor de mens. Volgens de richtlijnen van de Europese Unie komt dit overeen met een classificatie in categorie 3. Binnen deze categorie komt de situatie het meest overeen met subcategorie b.
Besluit: 2007-12-12
Advies
Documenten: 2
5-Azacytidine; Evaluation of the carcinogenicity and genotoxicity
Op verzoek van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid evalueert en beoordeelt de Gezondheidsraad de kankerverwekkende eigenschappen van stoffen waaraan mensen tijdens het uitoefenen van hun beroep kunnen worden blootgesteld. De evaluatie en beoordeling worden verricht door de subcommissie Classificatie van Carcinogene Stoffen van de Commissie Gezondheid en Beroepsmatige Blootstelling aan Stoffen van de Raad, hierna kortweg aangeduid als de commissie. In het voorliggende advies neemt de commissie 5-azacytidine (azacitidine) onder de loep. 5-Azacytidine is een cytostaticum dat wordt gebruikt ter behandeling van kanker.
Besluit: 2007-12-12
Advies
Documenten: 2
N-vinyl-2-pyrrolidon; Evaluation of the carcinogenicity and genotoxicity
Op verzoek van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid evalueert en beoordeelt de Gezondheidsraad de kankerverwekkende eigenschappen van stoffen waaraan mensen tijdens de beroepsmatige uitoefening kunnen worden blootgesteld. De evaluatie en beoordeling worden verricht door de subcommissie Classificatie van Carcinogene Stoffen van de Commissie Gezondheid en Beroepsmatige Blootstelling aan Stoffen van de Raad, hierna kortweg angeduid als de commissie. In het voorliggende advies neemt de commissie N-vinyl-2-pyrrolidon onder de loep. N-Vinyl-2-pyrrsolidon wordt onder andere gebruikt bij de productie van polyvinylpyrrolidon en copolymeren. De commissie meent dat N-vinyl-2-pyrrolidon onvoldoende is onderzocht. Hoewel de gegevens het niet toelaten de stof te classificeren als kankerverwekkend voor de mens of als moet beschouwd worden als kankerverwekkend voor de mens, is de commissie van mening dat waakzaamheid geboden is. De commissie adviseert daarom N-vinyl-2-pyrrolidon te classificeren als verdacht kankerverwekkend voor de mens. Volgens de richtlijnen van de Europese Unie komt dit overeen met een classificatie in categorie 3. Binnen deze categorie komt de situatie het meest overeen met subcategorie b.
Besluit: 2007-12-12
Advies
Documenten: 2
Elektromagnetische velden en gezondheid
Blootstelling aan de elektromagnetische velden veroorzaakt door mobiele telefoons en antennes staat nog steeds in de belangstelling. Voortdurend verschijnen nieuwe wetenschappelijke publicaties over dit onderwerp. De minister van VROM heeft de Gezondheidsraad verzocht om, vooruitlopend op een uitgebreidere analyse, een beknopte eerste reactie te geven op drie wetenschappelijke publicaties die in het maatschappelijke debat vaak naar voren komen en om aan te geven of naar verwachting de resultaten van deze onderzoeken aanleiding zullen geven om eerdere conclusies met betrekking tot de mogelijke gezondheidseffecten van mobiele telefonie bij te stellen. In een briefadvies aan de minister van VROM geeft de vice-voorzitter van de raad het antwoord dat de commissie Elektromagnetische velden op deze vragen heeft geformuleerd.
Besluit: 2007-11-15
Advies
Documenten: 2
Hoogspanningslijnen
Wanneer hoogspanningslijnen ondergronds worden aangelegd (er wordt dan van “kabels” gesproken) zal de veldsterkte die ze op het maaiveld veroorzaken, veranderen. De elektrische velden worden daarbij vrijwel geheel afgeschermd, maar dat geldt niet voor de magnetische velden. Of en hoeveel de magnetische veldsterkte gereduceerd wordt door de lijnen ondergronds te leggen, is onder meer afhankelijk van hoe diep ze worden ingegraven. Indien de kabels niet al te diep liggen kan de magnetische veldsterkte op het maaiveld in een smalle strook direct boven de kabels zelfs toenemen ten opzichte van de veldsterkte onder bovengrondse lijnen. Op een horizontale afstand van meer dan zo’n 10 meter van deze strook zal de magnetische veldsterkte juist lager zijn. Daarbij moet worden aangetekend dat hoogspanningslijnen niet de enige bronnen van dergelijke velden zijn, maar dat ze ook worden opgewekt door bijvoorbeeld elektrische apparatuur en elektriciteitsleidingen in woningen. Ook in woningen die niet dicht naast een hoogspanningslijn liggen komen deze velden dus voor.
Besluit: 2007-11-09
Advies
Documenten: 2
Veiligheidsbeoordeling van nieuwe voedingsmiddelen (2)
Binnen het kader van Europese verordening 259/97 voerde de Commissie Veiligheidsbeoordeling Nieuwe Voedingsmiddelen (VNV) van 1999 tot en met 2004 een groot aantal dossierbeoordelingen uit. Met ingang van 2005 zijn de werkzaamheden van deze commissie overgegaan naar het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen. Ter afsluiting van haar taak bij de Gezondheidsraad heeft de Commissie VNV een advies uitgebracht waarin aandacht wordt geschonken aan knelpunten bij het uitvoeren van de verordening en aan ontwikkelingen in het veld.
Besluit: 2007-10-25
Advies
Documenten: 2
Wet bevolkingsonderzoek: screening op osteoporose
Osteoporose is een risicofactor voor het krijgen van botbreuken. Osteoporotische fracturen vormen een omvangrijk probleem met een grote ziektelast. In het kader van de Wet op het bevolkingsonderzoek (WBO) heeft de Commissie WBO een vergunningaanvraag beoordeeld van de Stichting Osteoporose Casefinding Nederland in Rotterdam. Het betreft getrapte screening op osteoporose in huisartspraktijken, die in 2002 is begonnen. Volgens de commissie wijkt het in de aanvraag beschreven project af van de CBO- en NHG-richtlijnen voor osteoporose en voldoet het in zijn huidige vorm niet aan de wettelijke eis van 'wetenschappelijke deugdelijkheid'. De commissie adviseert de minister van VWS de gevraagde vergunning niet te verlenen.
Besluit: 2007-10-22
Advies
Documenten: 2
Diethyleenglycol; Health-based recommended occupational exposure limit
Propyleenglycol en diethyleenglycol zijn kleurloze vloeistoffen met diverse toepassingen in de industrie. Ze worden onder andere gebruikt bij de productie van polyesters, hydraulische vloeistoffen, koelvloeistoffen, antivriesmiddelen en inkt. Daarnaast wordt propyleenglycol gebruikt om kunstmatige rook van te maken. Dit gebeurt onder andere bij theatervoorstellingen, popconcerten en oefeningen van de brandweer. Om werknemers die dampen of druppeltjes van deze glycolen inademen te beschermen tegen mogelijk nadelige gezondheidseffecten, stelt de Gezondheidsraad gezondheidskundige advieswaarden op voor de beroepsmatige blootstelling aan deze stoffen.
Besluit: 2007-10-17
Advies
Documenten: 2
Propyleenglycol; Health-based recommended occupational exposure limit
Propyleenglycol en diethyleenglycol zijn kleurloze vloeistoffen met diverse toepassingen in de industrie. Ze worden onder andere gebruikt bij de productie van polyesters, hydraulische vloeistoffen, koelvloeistoffen, antivriesmiddelen en inkt. Daarnaast wordt propyleenglycol gebruikt om kunstmatige rook van te maken. Dit gebeurt onder andere bij theatervoorstellingen, popconcerten en oefeningen van de brandweer. Om werknemers die dampen of druppeltjes van deze glycolen inademen te beschermen tegen mogelijk nadelige gezondheidseffecten, stelt de Gezondheidsraad gezondheidskundige advieswaarden op voor de beroepsmatige blootstelling aan deze stoffen.
Besluit: 2007-10-17
Advies
Documenten: 2
Maten voor milieugezondheidseffecten
Een gezonde leefomgeving is belangrijk voor de volksgezondheid. In het milieubeleid is een gezondere bevolking dan ook een van de doelen. Maar welke maatregelen dragen daaraan bij? Dat is niet eenvoudig vast te stellen, want de effecten kunnen sterk variëren. Sommige maatregelen leveren direct resultaat (zoals minder astmaaanvallen), andere pas op termijn (zoals minder kanker). Vaak is er een combinatie van korte- en langetermijneffecten. Gelukkig kunnen alle vormen van gezondheidswinst toch uitgedrukt worden in een cijfer. Maar schatten hoeveel gezondheidswinst er met een maatregel te boeken valt is niet voldoende. Waar veel onzeker is, bijvoorbeeld omdat effecten pas ver in de toekomst worden verwacht of onderzoek nog te weinig houvast biedt, moet dat goed worden aangegeven. Zo wordt schijnzekerheid vermeden. Dit schrijft de Gezondheidsraad in een advies dat vandaag wordt aangeboden aan de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer en aan de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
Besluit: 2007-10-16
Advies
Documenten: 2
Griepvaccinatie bij ouderen van groot belang
In een recent wetenschappelijk artikel in het tijdschrift Lancet Infectious Diseases wordt het nut van griepvaccinaties voor ouderen in twijfel getrokken. Eerder dit jaar adviseerde de Gezondheidsraad om de griepvaccinatie van ouderen te handhaven, en zelfs uit te breiden tot mensen van 60 jaar en ouder. Is er nu aanleiding dit advies te heroverwegen? Een vergelijking van verschillende onderzoeksgegevens maakt duidelijk dat er geen reden is om het nut van vaccinatie van ouderen in ons land in twijfel te trekken. Dat het vaccin niet altijd griep voorkomt is een bekend feit; het virus verandert immers snel. Toch leidt vaccinatie bij ouderen tot halvering van ziekte door griep en ziekenhuisopnames als gevolg daarvan. Ook de vermindering van sterfte is in die groep aanzienlijk. Doorgaan met het huidige programma is dus onverminderd van belang. Dit schrijft de Gezondheidsraad in een briefadvies dat vandaag wordt aangeboden aan de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
Besluit: 2007-10-04
Advies
Documenten: 2
Preconceptiezorg: voor een goed begin
Wie een kind hoopt te gaan krijgen, kan vóór de zwangerschap veel doen voor een goede eigen gezondheid en die van het toekomstige kind. Aanstaande ouders krijgen nu prenatale voorlichting, maar dan is het kind al verwekt. Er is meer winst te boeken als ze zich al voor de conceptie op de zwangerschap zouden gaan voorbereiden en waar nodig hun leefwijze aanpassen. De Gezondheidsraad pleit in een vandaag verschenen advies aan de minister voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport voor een algemeen programma voor preconceptiezorg. De wetenschap heeft inmiddels voldoende bewijzen geleverd op basis waarvan zo’n programma kan worden ingericht.
Besluit: 2007-09-20
Advies
Documenten: 2
Multimorbiditeit bij ouderen
Op 11 september j.l. hebben de voorzitters van de Gezondheidsraad en de Raad voor Gezondheidsonderzoek, op basis van het werk van de Commissie Multimorbiditeit, de belangrijkste bevindingen per brief aan de staatssecretaris kenbaar gemaakt, nog voordat de commissie haar advies helemaal heeft afgerond. Ambtenaren van VWS hadden om dit tussentijds advies verzocht opdat de bevindingen nog konden worden meegenomen in de plannen van de regering (rijksbegroting) die met Prinsjesdag zijn gepresenteerd.
Besluit: 2007-09-11
Advies
Documenten: 2
Advies Wet bevolkingsonderzoek: prostaatkanker ERSPC-Rotterdam (3)
Screening op prostaatkanker geeft vaak een ongunstige uitslag, terwijl er achteraf geen sprake blijkt te zijn van prostaatkanker. Vanwege deze grote kans op foutpositieve uitslagen wordt gezocht naar alternatieven voor de al twintig jaar bestaande bloedtest op prostaatspecifiek antigeen (PSA). Mogelijk presteert een nieuwe urinetest op de prostaatkankerspecifieke tumormarker PCA3 beter dan de PSA-test. Het Erasmus MC te Rotterdam wil dit gaan onderzoeken bij mannen uit de algemene bevolking, als onderdeel van de lopende Europese screeningstrial ERSPC naar het nut van screening op prostaatkanker. In het kader van de Wet op het bevolkingsonderzoek (WBO) heeft de Gezondheidsraad op 24 juli 2007 een positief advies over het PCA3-onderzoek uitgebracht aan de minister van VWS.
Besluit: 2007-07-23
Advies
Documenten: 2
Translationeel onderzoek in Nederland - Van kennis naar kliniek
Het fundamentele onderzoek van moleculen en cellen krijgt steeds meer toepassingsmogelijkheden bij de diagnostiek, de behandeling en de preventie van ziekten. Het onderzoek dat die brug slaat tussen het fundamentele onderzoek en de klinische toepassingen wordt aangeduid met de term translationeel onderzoek. Nederland heeft, internationaal gezien, een goede positie op het gebied van translationeel onderzoek. Behoud van die positie is niet vanzelfsprekend; daar is actief beleid voor nodig. In het advies Translationeel onderzoek in Nederland – Van kennis naar kliniek doet de Raad voor Gezondheidsonderzoek (RGO) aanbevelingen om succescondities voor de toekomst veilig te stellen en belemmerende factoren weg te nemen. Op donderdag 5 juli 2007 biedt de RGO dit advies aan aan de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen.
Besluit: 2007-07-05
Advies
Documenten: 2
Patiëntenparticipatie in gezondheidsonderzoek
Wetenschappelijk onderzoekers weten vaak niet precies welke problemen patiënten hebben. Om die reden worden patiënten steeds vaker betrokken bij het opzetten en evalueren van wetenschappelijk onderzoek. Momenteel gebeurt dat al op verschillende manieren. Maar het kan beter, aldus de Raad voor Gezondheidsonderzoek (RGO) in zijn advies Patiëntenparticipatie in gezondheidsonderzoek.
Besluit: 2007-07-04
Advies
Documenten: 2
De waarde van interventiewaarden – Onderbouwing en toepassing van interventiewaarden voor beslissingen bij calamiteiten met gevaarlijke stoffen
Welke maatregelen moeten bestuurders treffen als bij een calamiteit gevaarlijke stoffen vrijkomen in de lucht? Als leidraad hebben we interventiewaarden. Die geven aan bij welke concentraties mensen lichte, ernstige of levensbedreigende gezondheidseffecten zullen ondervinden. De methode die wij in ons land gebruiken om deze waarden te bepalen is van voldoende kwaliteit. Maar dat is pas het begin. Wordt een bepaalde waarde overschreden, dan moeten bestuurders snel beslissen of de bevolking het beste binnenshuis kan schuilen of dat een evacuatie nodig is. De besluitvorming kan lastig zijn, onder andere omdat op dat moment nog veel onzeker is, bijvoorbeeld over de dichtheid en route van de gifwolk. Protocollen voor bestuurders zouden recht moeten doen aan de complexiteit in rampsituaties. Op voorhand is echter wel duidelijk dat schuilen doorgaans de beste optie is. Dit schrijft de Gezondheidsraad in een advies dat vandaag wordt aangeboden aan de ministers van VROM, BZK en VWS.
Besluit: 2007-06-19
Advies
Documenten: 2
Kanttekeningen over mogelijke beperkingen bij MRI bij invoering van een EU richtlijn
MRI-scanners worden in de medische wereld veelvuldig gebruikt om afwijkingen in weefsels in het menselijk lichaam in beeld te brengen. MRI-onderzoek maakt gebruik van elektromagnetische velden, waaraan ook medisch personeel wordt blootgesteld. Nu blijken nieuwe Europese normen voor de blootstelling van werknemers aan laagfrequente elektromagnetische velden zo streng te zijn, dat ze het gebruik van MRI kunnen beperken, zodra ze volgend jaar van kracht worden. Dat zou onwenselijk zijn, omdat MRI een belangrijke techniek is, die bovendien een steeds bredere toepassing vindt. Maar medisch personeel moet ook goed beschermd worden tegen eventuele gezondheidseffecten. De Gezondheidsraad is nagegaan - in samenwerking met de Belgische Hoge Gezondheidsraad - of er inderdaad problemen zullen ontstaan, en wat mogelijke oplossingen zijn.
Besluit: 2007-06-12
Advies
Documenten: 2
Astma, allergie en omgevingsfactoren
Astma en allergie komen veel voor in Nederland. Een deel van de kinderen met astma en allergie wordt geboren uit ouders met dezelfde aandoeningen, maar voor de meerderheid geldt dat niet. Omgevingsfactoren spelen ook een belangrijke rol, maar de precieze invloed van milieufactoren op het ontstaan van allergie en astma is nog grotendeels onbegrepen. Heb je eenmaal astma, dan verergert blootstelling aan vervuilde lucht – door verkeersuitstoot, tabaksrook maar ook allergenen – de klachten. Dit advies gaat over trends in het vóórkomen van allergie en astma, over de rol van omgevingsfactoren daarbij, en over omgevingsmaatregelen waarmee klachten van astma en allergie verminderd en misschien zelfs voorkomen kunnen worden. De kennis is nog ontoereikend voor het geven van goed onderbouwde adviezen over de meeste milieufactoren, maar het is wel duidelijk dat de strijd op diverse fronten moet worden gestreden. Dit schrijft de Gezondheidsraad in een advies dat vandaag is aangeboden aan de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu.
Besluit: 2007-06-07
Advies
Documenten: 2
Trendanalyse biotechnologie 2007 - Kansen en Keuzes
Mondiaal gezien heeft de biotechnologie een steeds grotere impact op maatschappelijke en economische ontwikkelingen. Om de vele kansen optimaal te benutten en de juiste keuzes te maken in dilemma’s die zich voordoen, is een adequaat en slagvaardig beleid van de Nederlandse overheid gewenst. In deze trendanalyse zijn acht prioritaire trends geselecteerd die naar de mening van de samenstellers op dit moment aandacht van politiek en beleid verdienen. Terugkerende en verbindende elementen in deze trends zijn: mondialisering waardoor de nationale beleidsruimte onder druk staat, problematiek rond publiek-private samenwerking, en regelgeving die niet langer aansluit bij de mondiale technologische ontwikkelingen.
Besluit: 2007-06-07
Advies
Documenten: 2
Verzekeringsgeneeskundige mediprudentie
De verzekeringsgeneeskundige oordeelsvorming kan, behalve door verzekeringsgeneeskundige protocollen, ook ondersteund en verder ontwikkeld worden door de opbouw van ‘mediprudentie’. Dat was één van de conclusies van de Gezondheidsraad in het advies Beoordelen, behandelen, begeleiden. Medisch handelen bij ziekteverzuim en arbeidsongeschiktheid. Met het advies Verzekeringsgeneeskundige mediprudentie geeft een commissie van de Gezondheidsraad gehoor aan het verzoek van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, mede namens zijn collega van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, om met de ontwikkeling van mediprudentie een begin te maken.
Besluit: 2007-06-04
Advies
Documenten: 2
Overwegingen bij het beëindigen van het leven van pasgeborenen
Af en toe wordt er een kind geboren met een uiterst zorgwekkende gezondheid. Artsen en ouders kunnen dan voor de vraag komen te staan of het voor het kind niet beter is om te overlijden. Voor het staken van medische behandeling en voor het actief beëindigen van het leven van een pasgeborene zijn de afgelopen jaren zorgvuldigheidseisen ontwikkeld. Vorig jaar heeft de regering een deskundigencommissie ingesteld die deze eisen gaat toepassen bij het beoordelen van levensbeëindiging bij een pasgeborene die bij haar wordt gemeld. De Gezondheidsraad zet in een vandaag verschenen publicatie uiteen hoe die zorgvuldigheidseisen kunnen worden verduidelijkt.
Besluit: 2007-05-29
Advies
Documenten: 2
Verzekeringsgeneeskundige protocollen: Chronische-vermoeidheidssyndroom, Lumbosacraal radiculair syndroom
Voor zowel de individuele werknemer als de samenleving is het van groot belang dat de beoordeling van arbeidsongeschiktheid in overeenstemming is met de stand van de wetenschap. Daarom brengt de Gezondheidsraad ter ondersteuning van de verzekeringsgeneeskundige beoordeling, op verzoek van de minister van SZW, een tiental verzekeringsgeneeskundige protocollen uit. Ze worden opgesteld door een commissie van de raad, in aansluiting op bestaande evidence based curatieve en bedrijfsgeneeskundige richtlijnen. Het advies Verzekeringsgeneeskundige protocollen: Chronische-vermoeidheidssyndroom, Lumbosacraal radiculair syndroom, dat vandaag verschijnt, bevat het achtste en negende protocol in de reeks.
Besluit: 2007-04-12
Advies
Documenten: 2
Nacontrole in de oncologie. Doelen onderscheiden, inhoud onderbouwen
De huidige nacontrole in de oncologie is volgens de Gezondheidsraad voor verbetering vatbaar. Zo verdienen voorlichting en begeleiding meer systematische aandacht. Verder zou de actieve opsporing van nieuwe manifestaties van de behandelde kanker beperkt moeten blijven tot die vormen van kanker waarbij dit aantoonbaar winst kan opleveren voor de duur of kwaliteit van leven. Iedere vorm van kanker vergt een systematisch programma van nacontrole. Voor elke patiënt zou er tevens een persoonlijk nazorgplan moeten zijn. Het is wenselijk dat dit binnen vijf jaar zijn beslag krijgt. Dit stelt de Gezondheidsraad voor in het vandaag verschenen advies Nacontrole in de oncologie.
Besluit: 2007-03-27
Advies
Documenten: 2
Ruilen met de wachtlijst: een aanvulling op het programma voor nierdonatie-bij-leven?
Er is een structureel tekort aan voor transplantatie beschikbare nieren van overledenen. De Nederlandse Transplantatie Stichting wil daarom de mogelijkheden voor nierdonatie-bij-leven vergroten. Nierpatiënten die een donor meebrengen van wie zij zelf de nier niet kunnen ontvangen, zouden in ruil voor die nier voorrang op de wachtlijst kunnen krijgen. De minister van Volksgezondheid, Welzijn & Sport moet over dit voorstel beslissen en vroeg eerst advies aan de Gezondheidsraad. De raad schrijft in een vandaag aangeboden advies dat over zo’n ruil vanuit ethisch perspectief verschillend kan worden gedacht, maar dat er in ieder geval binnen het bestaande wettelijke kader geen ruimte voor is.
Besluit: 2007-03-26
Advies
Documenten: 2
Voedselallergie
Op steeds meer verpakkingen geven fabrikanten aan dat voedingsmiddelen elementen kunnen bevatten die tot allergische reacties kunnen leiden. Dan wordt bijvoorbeeld gemeld dat in dezelfde fabriek ook met noten is gewerkt. Deze ongerichte waarschuwingen dreigen de keuzevrijheid van mensen met een voedselallergie echter onnodig te beperken. Regelgeving over maximaal toelaatbare hoeveelheden allergenen in voedingsmiddelen zou een betere optie zijn om een breed en veilig aanbod te garanderen. Zo’n vier- tot zesduizend mensen lijden aan een ernstige vorm van voedselallergie. Eten zij iets verkeerds, dan kan dat levensbedreigend zijn. De meeste patiënten hebben minder ernstige klachten, maar ook voor hen is vermijden van het allergeen de beste handelwijze. In totaal gaat het bij voedselallergie om een paar procent van de bevolking. Dit schrijft de Gezondheidsraad in een advies dat vandaag wordt aangeboden aan de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit.
Besluit: 2007-03-21
Advies
Documenten: 2
Verzekeringsgeneeskundige protocollen: Angststoornissen, Beroerte, Borstkanker
Voor zowel de individuele werknemer als de samenleving is het van groot belang dat de beoordeling van arbeidsongeschiktheid in overeenstemming is met de stand van de wetenschap. Daarom brengt de Gezondheidsraad ter ondersteuning van de verzekeringsgeneeskundige beoordeling, op verzoek van de minister van SZW, een tiental verzekeringsgeneeskundige protocollen uit. Ze worden opgesteld door een commissie van de raad, in aansluiting op bestaande evidence based curatieve en bedrijfsgeneeskundige richtlijnen. Het advies Verzekeringsgeneeskundige protocollen: Angststoornissen, Beroerte, Borstkanker, dat vandaag verschijnt, bevat het vijfde tot en met zevende protocol in de reeks.
Besluit: 2007-03-15
Advies
Documenten: 2
Griepvaccinatie: herziening van de indicatiestelling
Al vele jaren krijgen bepaalde bevolkingsgroepen in Nederland een griepprik aangeboden. Het gaat dan om mensen die een extra risico lopen op complicaties of sterfte door griep, zoals hartpatiënten, mensen met diabetes, kinderen met astma en mensen boven de 65 jaar. Een nieuwe evaluatie laat zien dat elf van de huidige twaalf doelgroepen gehandhaafd kunnen worden. Verder blijkt het zinvol een aantal groepen toe te voegen. Zo laat nieuw onderzoek zien dat een griepprik ook in de groep van 60 tot 65 jaar aangewezen is. Daarnaast is het raadzaam gezondheidszorgpersoneel dat dagelijks contact heeft met patiënten te vaccineren. Zelf lopen zorgverleners geen extra risico, wel zal dat hun patiënten extra bescherming bieden. Dit schrijft de Gezondheidsraad in een advies dat vandaag wordt aangeboden aan de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
Besluit: 2007-03-08
Advies
Documenten: 2
Toetsing van het KCO-rapport 'Overgewicht en obesitas'
In 2003 bracht de Gezondheidsraad advies uit over ontwikkelingen op het gebied van de preventie en behandeling van overgewicht en obesitas. In dat advies werd geconcludeerd dat ook in ons land de prevalentie van overgewicht en obesitas sterk is toegenomen en dat er geen aanwijzingen zijn dat de stijgende lijn aan het ombuigen is. Gezien deze gestage toename van de prevalentie en de ernstige gevolgen daarvan voor de volksgezondheid is het verheugend te kunnen vaststellen dat er binnen het huidige gezondheidsbeleid volop aandacht is voor dit probleem.
Besluit: 2007-02-22
Advies
Documenten: 3
Elektromagnetische velden: Jaarbericht 2006
UMTS en DECT zijn systemen waarmee draadloos gecommuniceerd kan worden. Sommige mensen vragen zich af of blootstelling aan de radiogolven van UMTS-zendmasten of DECT-basisstations en -telefoons in huis gezondheidsproblemen kunnen veroorzaken. Recent onderzoek geeft hiervoor echter geen aanwijzingen. Dit schrijft de Gezondheidsraad in het vierde Jaarbericht Elektromagnetische Velden, dat vandaag verschijnt. Belangrijk zijn vooral de resultaten uit een recent Zwitsers UMTS-onderzoek, die eerdere bevindingen van TNO weerspreken. In het TNO-onderzoek, het eerste in zijn soort, leek blootstelling van proefpersonen aan UMTS nog te leiden tot minder welbevinden. Dat resultaat werd in Zwitserland echter niet gevonden. Aan dit Zwitserse onderzoek moet het sterkste gewicht worden toegekend, gezien de verbeterde onderzoeksopzet. Over de toepassing van DECT zijn op dit moment geen onderzoeksgegevens bekend die duiden op nadelige gezondheidseffecten.
Besluit: 2007-02-15
Advies
Documenten: 2
Testen van bloeddonors op variant Creutzfeldt-Jakob?
Binnen een paar jaar komt er naar verwachting een bloedtest op de markt voor de relatief zeldzame ziekte ‘variant Creutzfeldt-Jakob’ (vCJD). De ziekte kan via bloed worden overgedragen en is dodelijk. Moeten bloeddonors verplicht op vCJD getest gaan worden? Een van de nadelen is dat een donor te horen kan krijgen dat hij mogelijk een fatale ziekte onder de leden heeft. De Gezondheidsraad publiceert vandaag een signalement over de voor- en nadelen van een eventuele verplichte vCJD-test voor bloeddonors. In het Verenigd Koninkrijk is er al veel discussie over zo’n test. Ook in Nederland moet men zich op de invoering beraden.
Besluit: 2007-02-15
Advies
Documenten: 2
Bitumen (vapour and aerosol); Health-based recommended occupational exposure limit
Bitumen is een complex mengsel van organische stoffen dat wordt verkregen door vacuümdistillatie uit ruwe petroleumolie. Het wordt onder andere gebruikt als bindmiddel in asfalt voor weg- en dakbedekkingen. Asfalt en dus ook bitumen wordt in de regel verhit voor gebruik. Om werknemers die bitumenrook inademen te beschermen tegen mogelijke nadelige gezondheidseffecten, gaat de Gezondheidsraad na bij welke blootstelling schade kan optreden. Hiervoor is geen veilige bovengrens te geven, omdat de beschikbare gegevens met veel onzekerheden omgeven zijn. Wel ziet de raad voldoende aanleiding om bitumen (damp en aerosol) als verdacht kankerverwekkend voor de mens te classificeren. Dit staat in een advies dat vandaag wordt aangeboden aan de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en dat moet leiden tot een grenswaarde.
Besluit: 2007-02-13
Advies
Documenten: 2
BMR-vaccinatie en autisme: geen aanwijzingen voor een verband
Voor de suggestie dat de vaccinatie tegen bof, mazelen en rodehond kan leiden tot autisme blijkt geen wetenschappelijke grond te zijn. In 1998 werd die suggestie gedaan door Engelse onderzoekers. Zij rapporteerden over acht kinderen bij wie in de periode na hun vaccinatie autisme werd geconstateerd. Sindsdien is veel onderzoek gedaan naar een mogelijk oorzakelijk verband. Dat heeft echter geen aanwijzingen opgeleverd dat de BMR-vaccinatie inderdaad tot autisme kan leiden. Tien van de twaalf auteurs hebben hun interpretatie van de gegevens uit 1998 inmiddels ingetrokken. Dit schrijft de Gezondheidsraad in een advies dat vandaag wordt aangeboden aan de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
Besluit: 2007-01-25
Advies
Documenten: 2
Wet bevolkingsonderzoek: moleculaire tests voor screening op blaaskanker
Het Erasmus Medisch Centrum in Rotterdam wil de opbrengst onderzoeken van moleculaire tests om blaaskanker vroeg op te sporen. In het kader van de Wet op bevolkingsonderzoek (WBO) bracht de permanente commissie WBO van de Gezondheidsraad op 25 januari 2007 een positief advies uit aan de minister van VWS over de vergunningaanvraag.
Besluit: 2007-01-25
Advies
Documenten: 2
Risico's van blootstelling aan ioniserende straling
Nederlanders worden gemiddeld genomen tegenwoordig niet aan meer ioniserende straling blootgesteld dan vijftien jaar geleden.Wel staan sommige mensen ook nu langer dan gemiddeld aan straling bloot of krijgen hogere doses te verwerken. Over de risico’s daarvan voor hun gezondheid is in de afgelopen vijftien jaar meer bekend geworden. Met name in de medische diagnostiek zouden mensen aan minder straling kunnen worden blootgesteld. Dit schrijft de Gezondheidsraad in een advies dat vandaag is verschenen. Het beschrijft de stand van wetenschap sinds 1991, het jaar waarin de raad voor het laatst over de risico’s van straling adviseerde.
Besluit: 2007-01-24
Advies
Documenten: 2
Bijzondere interventies aan het hart
Het aantal mensen met hart- en vaatziekten groeit nog steeds, vooral door de vergrijzing. De medische ontwikkelingen staan ook niet stil. Zo heeft het zogenoemde dotteren de laatste tien jaar een belangrijke plaats gekregen in de behandeling van patiënten met vernauwingen van de kransslagaderen en met een acuut hartinfarct. Ook voor andere hartaandoeningen zijn nieuwe technieken beschikbaar. De toepassing daarvan vraagt om gericht kwaliteitsbeleid. Willen deze specialistische behandelingen verantwoord, doelmatig en toch goed gespreid over het land worden aangeboden, dan is concentratie in een aantal regionale centra noodzakelijk. Dit betekent dat de overheid een regulerende rol moet blijven spelen via aan kwaliteitseisen gebonden vergunningen. Dit schrijft de Gezondheidsraad in een advies dat vandaag wordt aangeboden aan de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
Besluit: 2007-01-18
Advies
Documenten: 2